Bijna ketterij, het idee van Martin Hill dat lasers van iets meer dan tweehonderd nanometer groot mogelijk zouden zijn. En dan nog wel met een metalen omhulsel, terwijl iedereen weet dat die lijden onder gigantische verliezen. Hill en zijn collega‘s aan de TUE zetten stug door en maakten ‘s werelds kleinste laser.
Ze waren de afgelopen weken weer stevig in het nieuws, de optische netwerken op en tussen chips. De Universiteit van Gent leverde in Europees verband een optische interconnectlaag af (zie Bits&Chips 4, 2008). IBM fabriceerde een optische schakelaar die sneller data uitwisselt tussen rekenkernen op een processor (Bits&Chips 6, 2008). De meest recente in het rijtje staat op naam van Sun Microsystems, die eind vorige maand 28 miljoen euro subsidie binnensleepte om on-chip siliciumfotonica te ontwikkelen.
Eigenlijk houden alle grote chipjongens zich wel op een of andere manier bezig met een kruising tussen optica en halfgeleidertechnologie. Veel onderzoek richt zich op supersnelle schakelaars en communicatielijnen, omdat er voor de ’snelwegen‘ op chips steeds minder ruimte is of omdat snellere chips nu eenmaal sneller met de buitenwereld moeten communiceren om het maximale uit hun capaciteiten te halen. Verder in de toekomst lonken de optische computers.
