2011 betekent de start van een nieuw tijdperk in de auto-industrie. Dit jaar komen de eerste elektrisch aangedreven personenauto‘s in grotere series beschikbaar. Alle belangrijke autofabrikanten hebben aangekondigd elektrische modellen te lanceren. De conventionele benzine- of dieselauto is echter nog lang niet uitgeteld; ook hier gaan de ontwikkelingen door en worden nieuwe voertuigen steeds zuiniger met steeds minder schadelijke emissies. In ieder geval tot aan 2020 zal het merendeel van de nieuwe auto‘s nog steeds op conventionele brandstof rijden.
De elektrische auto zal voor flinke omwentelingen zorgen in de industrie, zowel bij de autofabrikanten als bij hun toeleveranciers. De grote en zware accupakketten vereisen een herontwerp van de auto, de elektromotor met aandrijving is een stuk compacter dan de huidige aandrijflijn en de voorgestelde vervanging van de centrale motor door een aparte elektromotor in ieder wiel maakt de gewichtsverdeling van de auto totaal anders. Tot nu toe leverde de brandstof in combinatie met de energie van de accu voldoende stroom voor alle elektronica aan boord. De huidige batterijbeperkingen en de benodigde hoge capaciteit voor de aandrijving van elektrische auto‘s vereisen echter dat we het totale energiemanagement kritisch onder de loep nemen.
Ook het netwerk rondom de auto verandert. Er zal een infrastructuur van oplaadstations uit de grond moeten worden gestampt, waarbij mensen thuis en onderweg moeten kunnen opladen en afrekenen voor de stroom die ze afnemen. Dit heeft natuurlijk ook invloed op het elektriciteitsnetwerk. Zo zal decentrale opwekking (gebruik van lokale zonne- en windenergie) en opslag gaan toenemen. Dit omdat mensen bewuster worden van hun elektriciteitsbehoeftes en de daarbij behorende kosten.
