Opinie

Delft in China

Kees Beenakker is wetenschappelijk directeur van Dimes.

Reading time: 3 minutes

Onlangs moest ik denken aan een inaugurele rede uit 1966 van een familielid dat tot hoogleraar in Leiden was benoemd. Velen zullen zich nog de lange rekken in de bibliotheek herinneren met abstracts en de eindeloze uren die je daar doorbracht om relevante informatie op te zoeken. Tijdens de rede werd grote zorg uitgesproken over hoe informatie vindbaar zou blijven met de toen al sterk toenemende hoeveelheid wetenschappelijke artikelen. De oplossing ben ik vergeten, of misschien was die er ook wel niet, maar uiteindelijk is die er wel gekomen in de vorm van het internet en de digitalisering van de literatuur. Het maakt de toegankelijkheid tot wetenschappelijke literatuur oneindig efficiënter.

Niettemin heeft deze ’elektronische‘ kennis dezelfde beperkingen als die op papier: de nuance van de directe dialoog ontbreekt. Echte meerwaarde en samenwerking worden pas gecreëerd door directe contacten op conferenties en door wederzijdse bezoeken. Bovendien is zeker in onze vakgebieden tijdige toegang tot nieuwe kennis essentieel, aangezien deze vaak al verouderd is voordat ze is gepubliceerd.

Met de opkomst van grote economieën als Brazilië, China, India en Rusland zal de hoeveelheid gegenereerde kennis alleen maar toenemen, en niet zo‘n beetje ook. Deze landen vertegenwoordigen veel meer dan de helft van de wereldbevolking en met hun economische ontwikkeling zullen de kwaliteit en kwantiteit van het onderzoek sterk toenemen. Hoe kunnen wij mee blijven spelen in dit proces? Voor deze vraag zien universiteiten zich tegenwoordig gesteld.

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one for just €20 for the first year and enjoy all the benefits.

Login

Related content