Ach, die vreselijke valley of death in de hightech! Fantastische initiatieven smoren in brandend zand, start-ups komen krakend en piepend tot stilstand en gaan vervolgens jammerlijk ten onder. Het beeld van broodmagere ondernemers die in het woestijnzand creperen, zorgt voor menig slapeloze nacht.
Want kijk wat er in hun rugzakjes zit: innovatie, het universele middel tegen honger, vervuiling, ziektes en stagnerende economieën. Politici, professoren, innovatiedeskundigen en ambtenaren peinzen zich suf achter hun bureaus over reddingsacties. Met een klein zetje kunnen al die zielige entrepreneurs hun zegetocht vervolgen en aan de andere zijde van de dorre zandvlakte als nieuwe multinationals opduiken. Ze zullen hun innovatieve producten over ons uitstrooien en met de daarmee verdiende centjes de economie aanjagen: meer belasting betalen, universiteitsfondsen spekken en werkgelegenheid creëren. De herverkiezing van politici wordt zeker gesteld en de professoren kunnen op nog grotere schaal hun hobby’s beoefenen.
Handenwrijvend sturen de hooggeleerden telkens opnieuw een verse lading naïevelingen onvoorbereid de woestijn in. Innovatie in de rugzak en boven op een inderhaast aangekochte kameel: ziehier onze helden. Af en toe wat water geven en ze komen er wel. Blijkt de woestijn groter dan gedacht? Zijn ze even verdwaald? Is de kameel een beetje kreupel? Meer hulp nodig. De boodschap is altijd: als er maar meer (overheids)hulp zou zijn, komt alles goed. Desnoods gaan we de pensioengelden gebruiken. Succes verzekerd.
