Het heeft de meeste kranten niet gehaald, maar de Tweede Kamer heeft half oktober een piepklein stapje gemaakt naar de bouw van een nieuwe kerncentrale in Nederland. In overgrote meerderheid nam het parlement een motie aan die de regering verzoekt de Kamer te informeren over het perspectief van zogeheten thoriumreactoren. Het kabinet zal daar naar verwachting gehoor aan geven in het Energierapport, dat komende december wordt gepubliceerd. Daarna zou het onderwerp onderdeel kunnen worden van de permanente discussie over hoe Nederland zijn energievoorziening in de toekomst moet inrichten.
Pardon, kernenergie? Daar waren beschaafde landen, zeker na de Fukushima-ramp, toch onderhand wel klaar mee? Windmolens, zonnepanelen, waterkracht en geothermie, dat zijn de technologieën waarmee we klimaatverandering en afhankelijkheid van fossiele brandstoffen proberen in te perken. Zet slimme distributienetwerken in om vraag en aanbod met elkaar in overeenstemming te brengen, buffertechnologie om pieken en dalen in de productie op te vangen en we zijn straks honderd procent duurzaam.
Maar wat nu als kernenergie toch honderd procent veilig kan, het afvalprobleem drastisch kan worden gereduceerd en de navelstreng naar kernwapens kan worden doorgesneden? Dat verandert de zaak, wat mij betreft. Al was het maar om de energietransitie te faciliteren.

