Prototyping is een verificatiemethode met een groot aantal voordelen ten opzichte van simulatie en emulatie. Haps, dat gebruikmaakt van FPGA‘s, geeft totale controle over het design terwijl het prototype op hoge frequentie kan draaien. Imec in Leuven deed het afgelopen jaar de eerste ervaringen op met Haps voor het prototypen van een eigen energiezuinige processor en een demonstratieopstelling. Luuk van Beurden van HDL Works legt de uitgangspunten van Haps uit en vertelt over de ervaringen bij Imec. Tom Huybrechts van het researchcentrum kon met het Haps-systeem focussen op het ontwerp en in korte tijd een demonstrator bouwen.
Testen van Asics in alle mogelijke situaties is met een simulatie praktisch onmogelijk. De simulatietijd loopt op tot weken of zelfs maanden. Door de lage simulatiefrequentie is het vrijwel onmogelijk realtime data te gebruiken. Dat maakt dat een Asic niet te testen is op zijn werkelijke gedrag.
Met prototyping komt een hogere klokfrequentie wel binnen bereik. De tests kunnen dan uitgebreider zijn. Hiervoor zijn twee standaard methoden. De eerste oplossing zijn Asic-emulatoren. Een emulator bootst het gedrag van de Asic na en is via een socket verbonden met de hardware. Een dergelijk systeem is vaak voorzien van debuggers, maar de prijs is erg hoog en de maximale klokfrequentie komt niet boven de 1 MHz uit. Dat is ver beneden de uiteindelijke frequentie van de Asic die je wilt maken. Tweede oplossing is het gebruik van een FPGA-prototypingbord. Daarbij wordt het Asic-ontwerp in FPGA‘s gezet. Dergelijke prototypingborden halen vaak systeemfrequenties van 100 MHz of hoger.

