Opinie

Jeep-hack

Wim Hendriksen is lector embedded systems bij Fontys Hogeschool ICT.

Reading time: 3 minutes

Begin augustus betoogde mr. Axel Arnbak, onderzoeker cybersecurity en informatierecht aan UvA en Harvard, in het Financieele Dagblad dat het internet der dingen levensgevaarlijk is. Hij vindt dat de makers van software aansprakelijk moeten worden gesteld bij fouten en dat alle software openbaar gemaakt moet worden, omdat dat zou leiden tot rigoureuze kwaliteitscontrole. Dan zijn volgens hem de problemen opgelost. Arnbak sluit af met de opmerking dat de software-industrie dit vast geen goed idee vindt, maar dat hij mensenlevens redden veel belangrijker vindt.

Van zo’n verhaal word ik heel erg verdrietig. Een onderzoeker die vanuit zijn ivoren toren en in een krant die de meeste informatici niet lezen een beetje gaat lopen roepen dat we monomaan en kostenonafhankelijk cybersecurity moeten invoeren, daarop wil ik toch weerwoord geven. Als een stad geteisterd wordt door een inbraakgolf, dan gaan we toch ook niet de bouwbedrijven aansprakelijk stellen? En we eisen toch ook niet dat ze hun beveiligingsstrategie openbaar maken? Nee, we gaan achter de inbrekers aan!

Arnbaks verhaal is opgehangen aan de Jeep-hack opgetekend door Wired, waarbij een pc op een keukentafel de controle over de auto overnam. Bij de demo eindigde het ding in de sloot. Daaruit concludeert de onderzoeker dat ‘al die internetdingen potentiële moordwapens zijn’. En ‘zonder robuuste beveiliging geen connected cars, zelfrijdende auto’s, slimme cv-ketels of zorgrobots’.

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one for just €20 for the first year and enjoy all the benefits.

Login

Related content