Binnenstebuiten

Plastic geleiders in de puberteit

Reading time: 7 minutes

Begin jaren zeventig onderzocht de Japanse scheikundige Hideki Shirakawa de polymerisatie van een in chemisch opzicht weinig opzienbarende verbinding, namelijk acetyleen. Deze eenvoudige koolwaterstofverbinding bestaat uit twee koolstofatomen, die met een driedubbele binding aan elkaar vast zitten, en twee waterstofatomen. Shirakawa leidde het brandbare gas voorzichtig in een reactiekolf, waar het onder invloed van een katalysator zich tot lange strengen liet omzetten.

Althans, dat was de bedoeling. De eerste resultaten waren niet bemoedigend. Alles wat er na afloop van de reactie overbleef was een zwart poeder. Chemici weten dan in de regel genoeg: weggooien die handel en opnieuw proberen. En zo kwam het dat een gastonderzoeker in hetzelfde laboratorium zich vergistte bij het afwegen van de katalysator. Hij deed duizend maal te veel in de kolf. Na de reactie voor de zoveelste keer te hebben uitgevoerd, bleek er geen zwart poeder te ontstaan maar was het glas bedekt met een prachtig glanzende zilverkleurige film.

Als het er metallisch uitziet, geleidt het dan ook als een metaal?, vroeg Shirakawa zich af. Dat bleek niet het geval. Maar zo makkelijk gaf hij zich niet gewonnen. Samen met collega-onderzoekers Alan Heeger en Alan MacDiarmid beet hij zich vast in de materie. Zij ontdekten enkele jaren later dat de weerstand van de film vele orden van groottes afnam na blootstelling aan het corrosieve gas jood. Het was deze observatie die het drietal in 2000 de Nobelprijs voor de scheikunde opleverde.

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one for just €20 for the first year and enjoy all the benefits.

Login

Related content