Met subsidie een vies woord leek er geen toekomst weggelegd voor Point-One, maar de herrijzenis van Europese programma‘s bieden nieuw perspectief. Onder het voorzitterschap van boegbeeld Amandus Lundqvist kruipt het dicht tegen de topsector Hightech Systemen en Materialen aan.
Ondanks de koerswijziging van het kabinet naar een innovatiebeleid gedomineerd door fiscale stimuleringsmaatregelen, is ’subsidie-intermediair‘ Point-One van zins te blijven bestaan. De organisatie denkt haar leden voldoende toegevoegde waarde te kunnen bieden door te fungeren als spreekbuis van de industrie naar de overheid en door R&D en samenwerking regionaal, nationaal en internationaal te faciliteren en te stimuleren. Point-One werkt inmiddels aan een nieuwe missiebeschrijving, die voorzitter Amandus Lundqvist in juni aan de leden zal voorleggen. Het topsectorboegbeeld nam donderdag 12 januari, toen de ’doorstart‘ bekend werd gemaakt, de hamer over van Roel Kramer.
In feite sinds de publicatie van het regeerakkoord van het kabinet Rutte-Verhagen is het bestaansrecht van Point-One op losse schroeven komen te staan. De vereniging werd immers in eerste instantie opgericht om de Nederlandse hightechindustrie samen te brengen in gesubsidieerde R&D-projecten. Maar in Verhagens innovatiebeleid is subsidie een vies woord geworden, terwijl alleen de ecosysteemfunctie van Point-One een te smalle basis leek om door te gaan. Ondanks enthousiaste input van leden op een verkennende bijeenkomst in november wond voorzitter Kramer er geen doekjes om: zonder een zinvolle rol in de R&D-sfeer kon Point-One zich naar zijn mening maar beter opheffen.
