Nederland scoorde afgelopen maand heel hoog in de Bloomberg-ranking voor most favoured nations for high-tech companies: een tweede plaats achter Amerika. Ik twijfel aan het waarheidsgehalte van die ranglijst. Ten eerste omdat Nederland – ondanks onze recente focus op HTSM – echt geen goed klimaat heeft waarin startende techbedrijven goed gedijen. En ten tweede omdat ik twijfel aan de eerste plaats van Amerika. Veel van wat ze daar hightech noemen, is dat volgens mij niet. Het steekt althans wat technologie betreft wel erg mager af tegen wat wij in Nederland aan hightech te bieden hebben.
Toegegeven, de transistor, de pc, het internet, het wereldwijde web en zoekmachines zijn uitgevonden in Silicon Valley. Dat is het resultaat van tientallen jaren ontwikkeling en investering, direct na de Tweede Wereldoorlog aangezwengeld met defensie- en ruimtevaartprogramma‘s. Daar kunnen de Nederlandse overheden iets van leren: dergelijke ambities vragen een visie, lange adem en diepe zakken, maar dan gaat het ook hard! Kijk maar naar wat er in Berlijn gebeurt in de hightech, naar Tech City in Londen of naar het Skolkovo Innovation Center bij Moskou. In dit laatste centrum hebben zich al meer dan achthonderd veelbelovende start-ups gevestigd sinds de oprichting in 2010.
Zonder de producten van onze Nederlandse hightech zouden de veelgeroemde apps uit Silicon Valley geen hardware hebben om op te draaien. Dat vergeten we alleen de wereld te vertellen. Nee, dan de nummer een uit de lijst. Amerikanen weten als geen ander de media te bespelen en prestige te creëren. In DWDD University reisde de jonge Nederlandse nerd Alexander Klöpping onlangs op kosten van een omroep naar Silicon Valley en kreeg hij drie avonden lang de tijd om op de Nederlandse televisie de loftrompet te steken over wat daar allemaal gebeurt.
