België stemde voor het eerst in 1991 gedeeltelijk elektronisch en is een van de weinige Europese landen die dat nog altijd doet. Nederland beëindigde het experiment met stemcomputers toen activisten aantoonden dat de machines van Nedap het stemgeheim niet konden garanderen. Duitsland stopte in 2009 met elektronisch stemmen toen duidelijk werd dat de resultaten van de stemcomputers niet verifieerbaar waren. Het moge duidelijk zijn: elektronisch stemmen is geen eenvoudige technologie.
In 2006 was het wereldnieuws toen een team onder leiding van hacker en XS4All-oprichter Rop Gonggrijp een maand voor de parlementsverkiezingen aantoonde dat de Nedap ES3B, de stemcomputer van fabrikant Nedap Groenendaal die negentig procent van de Nederlandse gemeentes gebruikte, het stemgeheim niet garandeerde. Bij het stemmen genereerde de ES3B een radiosignaal dat met een eenvoudige ontvanger tot op 25 meter ver te onderscheppen was – een procedure die bekendstaat als Van Eck-phreaking. Gonggrijp richtte de actiegroep ’Wij vertrouwen stemcomputers niet‘ op om de Nederlandse burgers te wijzen op de gevaren van stemcomputers en de overheid ertoe te brengen om terug te gaan naar potlood en papier.
Verder doorspitten van de beveiliging van de ES3B leverde nog heel wat nare resultaten op. Nedap hield zijn software geheim, dus Gonggrijp moest de werking van het apparaat reverse-engineeren. Het bleek te gaan om een computer met technologie uit de jaren tachtig zonder speciale beveiligingsmaatregelen. In principe kon iemand met fysieke toegang tot een stemcomputer een ander programma op de machine installeren dat de stemmen manipuleert. Gonggrijp demonstreerde dat dat in enkele minuten mogelijk was: je hoefde slechts de computer open te schroeven en een Rom-chip te vervangen met de nieuwe software.
