Texas Instruments heeft gekozen voor een vastestoflichtbron in zijn Digital Light Processing-beeldschermen (DLP). De ledjes vervangen de gebruikelijke UHP-lichtbron. De levensduur van led-lampen is namelijk een stuk langer. Daarnaast noemt de Amerikaanse halfgeleiderfabrikant de verbeterde beeldkwaliteit, afwezigheid van kwik en de snellere opwarmtijd als voordelen. Samsung had dat al eerder ingezien. De Koreanen kwamen vorig jaar met een led-gebaseerd DLP-display.
In een DLP-scherm is iedere pixel afkomstig van een microscopisch klein spiegeltje dat op een chip zit gemonteerd. De chip kan de spiegels schakelen of liever gezegd: richten. Als het reflecterende oppervlak een lichtstraal naar een lens stuurt, ontstaat er een witte pixel. Voor een zwart puntje moet de lichtstraal juist de lens helemaal missen. Door de spiegeltjes heel snel te schakelen is ook de lichtintensiteit te regelen. Dat vertaalt zich op het scherm in een grijstint.
De kleur in DLP-technologie komt van een ronddraaiend wiel dat zich tussen de lichtbron en de spiegels bevindt. Het kleurenwiel heeft een blauw, groen en rood vlak. Zijn roterende beweging is gesynchroniseerd met de chip, zodat het gewenste kleurenvlak op het juiste moment voor de lamp komt te zitten. Door primair gekleurde beelden van verschillende intensiteit snel achter elkaar te laten zien, wekt een DLP-projector de illusie van een volledig kleurenbeeld.

