Onderzoekers sleutelen al decennialang aan een netvliesprothese om blinden te laten zien, maar ondanks bemoedigende resultaten kampen prototypes nog steeds met beperkingen zoals een onhandige forse bril, een beperkt oplossend vermogen en een smal blikveld. Stanford-onderzoekers publiceren nu in Nature Photonics de proof of principle voor een nieuwe architectuur die veel van deze problemen op kan lossen.
Retina-protheses zouden een oplossing kunnen zijn voor mensen bij wie de lichtgevoelige cellen in het oog beschadigd zijn. Het idee, dat door diverse bedrijven wordt uitgewerkt, is om een chip op of onder het netvlies te implanteren die de zenuwcellen met elektrische pulsjes stimuleren. De chip kan zelf lichtgevoelig zijn of zijn data draadloos ontvangen van een externe camera – doorgaans in een bril verwerkt – en een bijbehorende draagbare computer.
Het grote nadeel waar deze systemen tot nu mee kampen is energievoorziening. Daarvoor worden doorgaans inductiespoelen in de bril gebruikt. Dat maakt het de prothese relatief groot en ingewikkeld te implanteren en gevoelig voor complicaties.
