Op weg naar de top heeft ASML een heleboel vrienden gemaakt die ieder hun steentje bijdragen aan het Veldhovense succes. Veel van de partners zijn in de slipstream meegegroeid en in toenemende mate afhankelijk geworden van de inkomsten uit de samenwerking. Daarmee hebben ze hun lot in feite verbonden met dat van ASML: als het goed gaat in Veldhoven, gaat het goed met het ecosysteem, en vice versa.
Deze lotsverbondenheid geeft ASML een zekere macht. Een wereldmarktleider als klant staat goed op je cv, maar een wereldmarktleider die jou de rug toekeert, is funest voor je reputatie en vaak ook voor je begroting. Dan zorg je er wel voor dat je ze in Veldhoven te vriend houdt. Want voor jou tien anderen, en anders nemen ze het roer wel van je over, zoals een Amerikaanse EUV-bronnenmaker onlangs heeft mogen ervaren.
Van dergelijk spierballenvertoon heeft ASML zich ook bediend bij de recente contractbesprekingen met zijn toeleveranciers van softwaremensen. Tenminste, als we die toeleveranciers moeten geloven. Niemand durft openlijk te bijten in de hand die hem voedt, maar de anonieme aantijgingen zijn niet mals. Off the record trok iemand zelfs een vergelijking met de praktijken in de beruchte Iraakse Abu Ghraib-gevangenis.


