Interview

De parel onder de motorkap van Daf

Reading time: 6 minutes

De trucks van Daf zijn minstens zo bekend als de waferscanners van ASML, de printers van Océ, de medische systemen van Philips en de bagagebanden van Vanderlande. Dat de softwareontwikkeling er even vooruitstrevend is, die wetenschap is veel minder wijdverbreid. Hoofd Embedded Engineering Rob Schreurs over de ‘verborgen parel’ van Daf.

Aan de ene kant zijn daar de vrachtwagens van Daf, met hun cabine recht boven de vooras. Deze zogeheten cab-over-engine-constructie is de maatstaf in Europa. Aan de andere kant staan de trucks van Kenworth en Peterbilt, met de typische lange neus en rechtopstaande uitlaatpijpen van chroom waar Amerikanen zo gek op zijn. Op het eerste gezicht hebben ze weinig gemeen, maar het zijn alle drie merken uit de stal van de Paccar-groep. En onder de motorkap hebben ze allemaal een motor ontwikkeld in Eindhoven.

‘De MX-motor ontwikkelen we hier bij Daf en gebruiken we vervolgens ook bij onze Amerikaanse zusters Kenworth en Peterbilt’, vertelt Rob Schreurs. ‘In totaal in wel tienduizenden truckvarianten: met verschillende bandenmaten, verschillende typen achterassen, verschillende versnellingsbakken, verschillende overbrengingsverhoudingen, verschillende vermogens. Toch zit er maar één type ecu in de motor, met één stuk basissoftware daarbovenop. We differentiëren tussen de applicaties puur door kalibratie; alle variatie regelen we softwarematig.’

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one for just €20 for the first year and enjoy all the benefits.

Login

Related content