Een materiaal waar elektronen massaloos en vrijwel ongehinderd doorheen flitsen, dat moest silicium wel van de troon stoten. Na acht jaar onderzoek begint het echter te dagen dat grafeen en digitale logica niet de gedroomde combinatie vormen. De eerste elektronische toepassingen van het ’wondermateriaal‘ zitten in een heel andere hoek.
In de publicatie waarin zij de ontdekking van grafeen wereldkundig maakten, wisten Andre Geim en Konstantin Novoselov al direct aannemelijk te maken dat het moleculaire kippengaas meer in zijn mars had dan alleen de fantasie van academische materiaalonderzoekers prikkelen. Uit de eerste elektrische metingen bleek namelijk dat elektronen zich vrijwel ongehinderd door het materiaal kunnen bewegen. En hoewel grafeen geen band gap heeft, wisten de onderzoekers er toch een primitieve transistor mee te bouwen.
Neem daarbij de inherente vlakheid – het is in feite een ’vleesgeworden‘ oppervlak: twee zijden, zonder bulk vaste stof ertussen – waardoor grafeen van nature compatibel is met de huidige IC-productiemethodes, en de zeer gunstige temperatuurafhankelijkheid van de geleiding, en de hoop op een elektronische revolutie is geboren. Die hoop is al snel een eigen leven gaan leiden, hoewel de ervaringen met de vorige koolstofsmaak du jour nog vers in het geheugen moeten hebben gelegen. ’Naar analogie met koolstofnanobuisjes zouden niet-transistorapplicaties dit atomair dunne materiaal de meest opzienbarende toepassingen kunnen opleveren‘, waarschuwden Geim en Novoselov tevergeefs in hun baanbrekende Science-artikel, gepubliceerd in 2004.

