Vorig jaar werkte ik een tijd lang bij twee verschillende bedrijven, de ene helft van de week op de Herengracht in Amsterdam, de andere helft in het centrum van Eindhoven. Beide bedrijven zijn technologiebedrijven, maar toch was het contrast tussen Eindhoven en Amsterdam iedere week weer verrassend – en dan heb ik het niet alleen over het uitzicht op rondvaartboten of op een parkeerplaats; tussen de muren was het verschil ook groot.
Het ene bedrijf maakt gehoorapparaten voor een consumentenmarkt, het andere tools voor softwareoptimalisatie, een specialistische bedrijven-aan-bedrijvenmarkt. Natuurlijk is er dan verschil in aanpak en focus, zou je zeggen. Toch zie ik het contrast als een exemplarisch voorbeeld van de werkcultuur waarin Amsterdam en Eindhoven zo veel van elkaar verschillen.
De geschiedenis en focus van beide steden ligt hier wellicht aan ten grondslag. Amsterdam is van origine een echte handelsstad. Vanuit de haven bedient het de wereld. De eerste aandelenbeurs ter wereld is er ontstaan. Banken en advocatenkantoren tieren welig op de Zuidas. De Nederlandse media worden grotendeels beheerst door bedrijven met hun hoofdkantoor in Amsterdam. En met Schiphol heeft het onze grootste luchthaven. Amsterdam is handel, bankieren, advocatuur, uitgevers. De stad vernoemt zijn voetbalclub naar een Griekse mythologische held.
