In het begin van deze eeuw wilden we allemaal Mobimiles, althans dat wilde de politiek ons laten geloven. Den Haag maakte de industrie lekker met mooie commerciële concepten om vooral te investeren in de aanleg van dit systeem. De automobilisten moesten zelf immers graag zo‘n kastje willen hebben omdat het allerlei diensten ging aanbieden. Maar helaas, ander kabinet, andere ideeën, weg Mobimiles. De industrie bleef achter met een kater: weg investering. De belastingbetaler zag een berg miljoenen in rook opgaan. De geweldige website van het ministerie van Verkeer en Waterstaat waar echt alles over Mobimiles was te vinden, was na een half jaar ineens verdwenen. Dus ook: weg opgebouwde kennis.
Dit kabinet begint heel voorzichtig weer helemaal opnieuw, en niet te snel, want het volgende kabinet mag pas beslissen. Het heeft ondertussen wel de einddatum vastgesteld op 2016. Hoe voorkomen we nu dat we weer in dezelfde val lopen als de vorige keer? Dit is namelijk geen triviaal project als de HSL of de Betuwelijn, maar een echt ICT-project met alle risico‘s van dien.
Het gaat om nieuwe kastjes in zes miljoen auto‘s die bijhouden waar het voertuig is en die praten met nieuw wegmeubilair om de eigenaar een rekening te kunnen sturen via een nieuwe centrale database, die er ook voor zorgt dat we betalen. Elk jaar moeten er pakweg een miljoen wijzigingen in die database worden doorgevoerd als er weer een auto wordt gekocht, verkocht, ingevoerd, uitgevoerd of verschroot. Het hele systeem is deze keer natuurlijk wel fraudebestendig en diefstal van het kastje levert uiteraard geen problemen op voor het slachtoffer. De privacy van de weggebruiker wordt deze keer niet geschaad. Buitenlandse auto‘s sluiten naadloos aan op dit systeem. Dit is eigenlijk best een aardig project.