Er schort van alles aan de Europese chip-R&D en bijbehorend beleid, vertelden een professor en een analist op het European Nanoelectronics Forum 2009. Hun analyses zijn interessant, maar niet waterdicht.
’Slechts weinigen zijn zich bewust van het toenemende samenwerkingsniveau in Azië omdat deze regio precies het tegenovergestelde doet als Europa. Hier worden grote bijeenkomsten georganiseerd om te onderhandelen. Europeanen werken aan overeenstemming, wringen er een verdrag uit, ratificeren dat en gaan dan pas activiteiten ontplooien. In Azië groeien handelsstromen, waarna overheden zich haasten om nader tot elkaar tot komen. Terwijl zij hun achterstand inhalen, ontstaan nieuwe patronen van samenwerking.‘
Aan het woord is Henrik Enderlein, die de befaamde Singaporese intellectueel Kishore Mahbubani aanhaalt om zijn betoog in te leiden op het European Nanoelectronics Forum (ENF), afgelopen 17 en 18 november in Noordwijk. Enderlein is politiek econoom en verbonden aan de Hertie School of Governance. De organisatie, de chiponderzoeksprogramma‘s Catrene en Eniac Joint Undertaking, had hem gevraagd zijn licht te laten schijnen over de vraag of Europa op de juiste manier zijn R&D ondersteunt. Het mag best een provocatie heten om op zo‘n forum de Europese vergaderzucht in de gezichten van het aanwezige bedrijfskader en EU-officials te wrijven.
