Een grafeenachtig type silicium zou ooit het ‘standaard’ silicium in chips kunnen vervangen. De eerste transistor van siliceen is alvast gemaakt.
De afgelopen vijf decennia heeft de onderzoekswereld regelmatig nieuwe materialen voorgesteld die in de halfgeleiderindustrie silicium van zijn troon zouden stoten. Galliumarsenide, koolstofnanobuizen, grafeen en andere 2d-materialen: allemaal hebben ze op papier een of meerdere superieure eigenschappen. Toch is het nooit tot een wisseling van de wacht gekomen. Slechts tien procent van de markt steunt op andere halfgeleiders dan silicium.
Dat nu de eerste transistor met het exotische siliceen is gemaakt, betekent dan ook niet dat een revolutie aanstaande is. Desalniettemin is dit soort onderzoekswerk anno 2015 relevanter geworden voor de halfgeleiderindustrie dan het een decennium geleden was. Want silicium blijft weliswaar in de overzienbare toekomst de grondstof bij uitstek voor chips, maar aanvullende materialen worden steeds belangrijker. Eerste keuzes zijn halfgeleiders die dicht bij silicium staan, zoals germanium, maar op termijn zouden ook ‘modernere’ 2d-materialen in aanmerking kunnen komen.

