Zogeheten kinetic inductance detectors gaan de komende jaren de grenzen verder verleggen in het ruimteonderzoek met infraroodlicht. Martin Grim van Sron legt uit hoe ze werken en hoe er informatie uit te halen is.
Dankzij de voortschrijdende technologie blijft het onderzoek door astronomen en astrofysici naar gebeurtenissen en objecten in het heelal maar grenzen doorbreken. Zo onthult röntgenlicht met behulp van spectroscopen wat er gebeurt in het extreem energetische universum bij zwarte gaten en hete gaswolken. En infraroodlicht verraadt juist waar de koelere wolken en gassen zich ophouden waaruit sterren met eventuele planeten geboren worden. Samen met zichtbaar licht schetsen röntgen en infrarood steeds vollediger het verhaal van het heelal.
In het ir-onderzoek gaan kinetic inductance detectors (kids) de komende jaren de grenzen weer verleggen. Deze supergeleidende componenten laten zich goed samenbrengen in arrays die zorgen voor grotere gevoeligheid en hogere resolutie: kids kunnen enkele attowatts (10-18 watt) aan vermogen detecteren en met één set elektronica is een groot aantal exemplaren aan te sturen en uit te lezen. Deze combinatie van veel detectoren met minder elektronica zet de deur open naar megapixelruimtecamera’s, dus naar meer zien met hogere gevoeligheid in minder tijd.

