DNA plooit en vouwt zichzelf veel gemakkelijker tot complexe vormen dan werd aangenomen, blijkt uit twee publicaties eind vorig jaar.
Een chip die zichzelf in elkaar zet of een nanocapsule met medicijnen die pas opengaat als zij een zieke cel tegenkomt: het is een droom die eind vorig weer een stapje dichterbij is gekomen. Twee onafhankelijke onderzoeksgroepen hebben laten zien dat DNA kan worden ’geprogrammeerd‘ om vrijwel elk gewenst patroon of elke gewenste vorm aan te nemen.
In zijn natuurlijke vorm bestaat het DNA-polymeer uit een flexibele suikerachtige ruggengraat met daaraan op regelmatige intervallen een van vier molecuultypen geklonken, aangeduid met de letters A, C, G en T. Deze zijgroepen opereren in paren: A ’plakt‘ een beetje aan T en C een beetje aan G. Een zo‘n interactie zet niet veel zoden aan de dijk, maar hoe meer complementaire paren elkaar weten te vinden, hoe sterker de binding van twee DNA-strengen. Zo zal de DNA-streng AAAAAA vrij sterk aan een TTTTTT-streng binden.

