De wereld kent hem als ‘mister Compact Disc’, maar in werkelijkheid was de bijdrage van Kees Schouhamer Immink aan Philips’ meest succesvolle uitvinding niet groter dan die van tientallen andere collega’s. Dat onthullen auteurs Paul van Gerven en René Raaijmakers in ‘Natlab – Kraamkamer van ASML, NXP en de cd’, dat morgen verschijnt.
Immink vertrok in 1998 met slaande deuren bij het Philips Natuurkundig Laboratorium (beter bekend als het Natlab) en poseert sindsdien als de uitvinder van de compact disc. Voor zijn werk aan de cd ontving hij prestigieuze prijzen, waaronder een technische Emmy Award en een Edison Medaille.
Dat Immink zijn bijdrage aan de cd schromelijk heeft overdreven, onderbouwt ‘Natlab’ door onder meer te constateren dat het cd-systeem al was bedacht, ontwikkeld en werkte op het moment dat Immink werd betrokken bij het project. Met de hulp van een handvol collega’s en onderzoekers van Sony verbeterde hij de kanaalcode voor de cd. Goed werk maar niet bijzonder, oordeelt een tiental oud-collega’s. ‘Het is alsof een ingenieur die heeft gewerkt aan de tomtom claimt dat hij de auto heeft uitgevonden’, aldus het boek.

